Chronologie der profetieŽn. Deel 1.

  1. Welkom
  2. Chronologie
  3. Het tegenwoordige werk van de Wederhouder.
  4. De Opname in Opb.11
  5. De komst van de twee getuigen.
  6. De dood van de twee getuigen en hun Opname.
  7. Twee mannen typologie.


Welkom

Een hele goede morgen broeders en zusters.

Van deze kant: “de beste wensen en Gods rijke zegen voor het nieuw jaar”. En natuurlijk van harte welkom bij de ISvG.

 

Goed, zullen we beginnen met gebed?

 

Terug naar begin

Chronologie

Matt 24:3 En als Hij op den Olijfberg gezeten was, gingen de discipelen tot Hem alleen, zeggende: Zeg ons, wanneer zullen deze dingen zijn, en welk zal het teken zijn van Uw toekomst, en van de voleinding der wereld?

 

Chronologie is niet alleen in onze tijd belangrijk, ook de discipelen van de Here vragen de Heer om een chronologische uiteenzetting. De reden dat zij hier navraag naar deden, is omdat Bijbelse profetie in het algemeen, niet chronologisch wordt gegeven.

Ik heb het niet alleen over de profetische hoofdstukken in de Bijbel, maar zelfs in een kort stukje, kunnen profetieŽn a-chronologisch zijn weergegeven. De belangrijkste reden is dat chronologie voor de Heer niet belangrijk is, in tegenstelling tot ons. Dat komt omdat wij in het vlees gebonden zijn aan tijd, in tegenstelling tot onze Heer Die boven de tijd staat, omdat Hij die Zelf heeft geschapen.

 

Maar er is denk ik nog een belangrijke reden waarom Bijbelse profetie doorgaans niet chronologisch is weergegeven in de Bijbel. Doordat allerlei profetieŽn door elkaar heen in de Bijbel staan, moet je dus onderzoek doen, inspanning leveren, om het allemaal inzichtelijk te krijgen.

Met andere woorden je zult de Bijbel centraal moeten stellen in je leven, wil je de Heer begrijpen en leren kennen. Want we leren de Here kennen, door Zijn Woord tot ons te nemen.

 

Wederom zeg ik dat het handig is om aantekeningen te maken.

 

Al enige jaren zeg ik, op grond van wat ik geloof, dat het eerste dat nu zal gaan gebeuren is de Opname van de Gemeente. Pas daarna kunnen andere profetieŽn in vervulling gaan.

 

Dit hebben we al enigszins behandeld toen we stil stonden bij 2Thess.2.

Daar zegt Paulus dit:

∑         De Wederkomst van onze Heer met ons komt niet (3), tenzij eerst:

o   De afval is gekomen ťn… (3)

o   Dat de antichrist is geopenbaard. (3)

2Thess 2:3 Dat u niemand verleide op enigerlei wijze; want die komt niet, tenzij dat eerst de afval gekomen zij, en dat geopenbaard zij de mens der zonde, de zoon des verderfs;

 

∑         Maar de antichrist kan zich niet openbaren, zolang de wederhouder er nog is. (6)

2Thess 2:6 En nu, wat hem wederhoudt, weet gij, opdat hij geopenbaard worde te zijner eigen tijd.

∑         Dus moet eerst de wederhouder uit het midden worden weggedaan. (7,8)

2Thess 2:7 Want de verborgenheid der ongerechtigheid wordt alrede gewrocht; alleenlijk, Die hem nu wederhoudt, Die zal hem wederhouden, totdat hij uit het midden zal weggedaan worden.

2Thess 2:8 En alsdan zal de ongerechtige geopenbaard worden,…

 

Als je dat weet, draai je het om en heb je chronologie!

1.    De opname van de Gemeente

2.    De antichrist zal zich openbaren

3.    En daarmee komt ook de afval

4.    En dan zal Christus met de Gemeente terugkomen.

 

 

Terug naar begin

Het tegenwoordige werk van de Wederhouder.

Als u de Statenvertaling heeft, dan leest u dat de vertalers “Die” met een hoofdletter hebben geschreven en “wederhouder” met een kleine letter. Dat is ook logisch want “Die” is Christus Zelf, Die satans openbaring tegenhoudt. De “wederhouder” is de Gemeente, het lichaam van Christus.

 

Aangezien de chronologie van de profetieŽn beginnen bij de wegname van de “wederhouder”, zullen we vandaag starten met tegenwoordige werk van de Wederhouder met een Hoofdletter. Want Hoofd en Lichaam zitten vast aan elkaar!

 

Dus, zolang de Gemeente op aarde is, gebeurt er niets! Want de Heer is verborgen, niet zichtbaar en wij zijn aan Hem toegevoegd, omdat wij Zijn Lichaam zijn. Daarom ziet niemand iets van het werk dat de Heer nu doet. Wat doet de Heer vandaag de dag dan? God heeft de heidenen bezocht en is nu bezig:

Hand.15:14  …om uit hen een volk aan te nemen voor Zijn Naam.

 

En dat volk is gevormd tot ťťn Lichaam, waarvan Hij het hoofd is (Kol.1:18). En aangezien onze Heer verborgen is, is ook ons leven verborgen met Hem.

Kol.3:3 …en uw leven is met Christus verborgen in God.

Achter de schermen

Dus, zolang de Heer in het verborgene Zijn werk doet, omdat Hij verborgen is en Zijn resultaat direct in Hem verborgen wordt, gebeurt er dus niets zichtbaars op deze aarde! En daarom wacht de vervulling van de Bijbelse profetieŽn op de voltooiing van het werk van Christus Jezus.

Dat is essentieel om vast te stellen. Ik realiseer mij wel degelijk dat ik dit heel beknopt u meldt, daarom doet u er verstandig aan dit zelf verder te onderzoeken.

 

Terug naar begin

De Opname in Opb.11

Dan neem ik u nu graag mee naar Openbaring 11

 

Opb.11:1  En mij werd een rietstok gegeven, een meet roede gelijk; en de engel stond en zeide: Sta op, en meet den tempel Gods en het altaar, en degenen, die daarin aanbidden.

Voor alle duidelijkheid zeg ik direct maar dat het gaat om een visioen van Johannes. En zoals het met visioenen gaat, beelden zij zaken uit. Johannes ontvangt een rietstok waar hij mee moet gaan meten.

Meten heeft in de Bijbel te maken met eigendomsrecht. U zou het kunnen vergelijken met de meetgegevens van uw koopwoning bij het Kadaster. Het Kadaster heeft vastgelegd de maten van het perceel waar uw woning op staat. Zo ook hier.

Hier wordt Johannes opdracht gegeven de tempel van God te meten. Hij meet dus de tempel van God, het eigendom van God!

De stok, hier een rietstok, is een voorwerp dat verticaal is. De eerste vertaling van dit Griekse woord is dan ook “pen”. En met een pen kun je pas iets als hij rechtop staat. En zoals ik al vaker heb gezegd, verticale dingen beelden Wedergeboorte uit.

Niet alleen de rietstok beeld Wedergeboorte uit, ook de roede, dat is de vertaling van het Griekse woord voor de scepter, de staf. En laten we de staande engel niet vergeten. En dan is het eerste wat de engel zegt niet “ga liggen”, maar “Sta op”. Dus vier keer vinden wij associaties van staan en dus van Wedergeboorte.

 

Wedergeboorte is dus belangrijk. Dan de tempel Gods. Waar is dat de uitbeelding van?

In eerste instantie slaat “de tempel Gods” natuurlijk op de Here Jezus, Die van Zichzelf sprak dat Hij de tempel Gods was en zou afbreken en na drie dagen weer zou opbouwen (Matt.26:61). In tweede instantie is de tempel Gods de uitbeelding van het Lichaam van Christus.

∑         1Cor 3:16 Weet gij niet, dat gij Gods tempel zijt, en de Geest Gods in ulieden woont?

∑         1Cor 3:17 Zo iemand den tempel Gods schendt, dien zal God schenden; want de tempel Gods is heilig, welke gij zijt.

∑         1Cor 6:19 Of weet gij niet, dat ulieder lichaam een tempel is van den Heiligen Geest, Die in u is, Dien gij van God hebt, en dat gij uws zelfs niet zijt?

∑         2Cor 6:16 Of wat samenvoeging heeft de tempel Gods met de afgoden? Want gij zijt de tempel des levenden Gods; gelijkerwijs God gezegd heeft: Ik zal in hen wonen, en Ik zal onder hen wandelen; en Ik zal hun God zijn, en zij zullen Mij een Volk (zie Hand.15:14) zijn.

De altaar is de uitbeelding van de dienst aan God. Je biedt dus je dienst aan, aan God. En “aanbidden” ligt dan toch wel heel dicht bij “aanbieden”.

 

Samenvattend; Johannes moet het eigendom van God bepalen. En de maat waarmee gemeten wordt, is Wedergeboorte. Want wie Wedergeboren is, is toegevoegd aan het Lichaam van Christus. En wie Wedergeboren is, aanbied God, dan wel heeft zijn of haar leven gegeven / aangeboden aan God.

Het gaat hier om eigendomsbepaling. En dat zit ook opgesloten in het woord “harpazo”, dat de waarde in zich heeft “met kracht tot zich / voor zich nemen”. Ook dat heeft alles te maken met de bepaling van eigen dom.

En iedereen die niet ingegaan is in de tempel Gods, dus niet Wedergeboren is, behoort God niet toe.

Opb.11:2 En laat het voorhof uit, dat van buiten den tempel is, en meet dat niet, want het is den heidenen gegeven; en zij zullen de heilige stad vertreden twee en veertig maanden.

Het gaat hier niet om een letterlijke tempel Gods in Jeruzalem, hoewel dat hier zeker geÔmpliceerd kan worden. Men kan het er in lezen, omdat de heilige stad hier de uitbeelding is van het letterlijke Jeruzalem.

 

Terug naar begin

De komst van de twee getuigen.

Het vertreden van het letterlijke Jeruzalem, voor de duur van 42 maanden, slaat op de tweede helft van de 70ste week van DaniŽl. Hť, wat gebeurt er dan in de eerste helft van de 70ste week? Wat gebeurt er nadat zij die de tempel Gods zijn en de Heer aanbidden, zijn gemeten?

 

Rev 11:3  En Ik zal Mijn twee getuigen macht geven, en zij zullen profeteren duizend tweehonderd zestig dagen, met zakken bekleed.

Er komen twee getuigen. Waarom zend God Zijn twee getuigen als zij exact hetzelfde werk zullen doen als de Gemeente doet? Het antwoord zit hem in het getuigen. Ze heten niet voor niets “getuigen” en geen Christenen, discipelen, apostelen, herders of leraars. Hoewel zij dat ook zijn, gaat het om het getuigen.

 

Als u opzoekt “twee getuigen”, dan vindt u o.a. deze uitspraak van de Here Jezus:

Matt.18:16 …opdat in den mond van twee of drie getuigen alle woord besta.

 

 

Rev 11:4  Dezen zijn de twee olijfbomen (Zach.4:3), en de twee kandelaren, die voor den God der aarde staan.

Zach 4:14 Toen zeide Hij: Deze zijn de twee olietakken, welke voor den Heere der ganse aarde staan.

Rev 11:5  En zo iemand die wil beschadigen, een vuur (oordeel) zal uit hun mond uitgaan, en zal hun vijanden verslinden; en zo iemand hen wil beschadigen, die moet alzo gedood worden. (letterlijk: “val dood!”)

Dan willen we weten wie die twee getuigen zijn. En aangezien we in Openbaring 11 helemaal aan het eind van de Bijbel zijn, zou je met een paar eenvoudige hints zelf het antwoord moeten weten, als je ook kennis hebt van alle voorgaande Bijbelboeken. Die hints worden ons nu gegeven.

Rev 11:6  Dezen hebben macht den hemel te sluiten, opdat geen regen regene in de dagen hunner profetering; (1Kon.17)

De eerste hint wijst naar iemand die macht had de hemel te sluiten, gedurende 42 maanden. Dat was Elia.

Jac 5:17 Elias was een mens van gelijke bewegingen als wij; en hij bad een gebed, dat het niet zou regenen; en het regende niet op de aarde in drie jaren en zes maanden. (Even lang als de dagen hunner profetering, 42 maanden = 3 jaar en 6 mnd.)

 

Maar er volgt nog een hint, want er zijn 2 getuigen en ťťn hebben we gehad.

Rev 11:6  …en zij hebben macht over de wateren, om die in bloed te verkeren, en de aarde te slaan met allerlei plage, zo menigmaal als zij zullen willen.

Wie had er ook macht om het water in bloed te veranderen als oordeel? Mozes! Dat vindt u terug in Ex.7, waar ik een tweetal verzen uitlicht.

Exod 7:20 Mozes nu en Ašron deden alzo, gelijk de Heere geboden had; en hij hief den staf op, en sloeg het water, dat in de rivier was, voor de ogen van Farao, en voor de ogen van zijn knechten; en al het water in de rivier werd in bloed veranderd.

Exod 7:21 En de vis, die in de rivier was, stierf; en de rivier stonk, zodat de Egyptenaars het water uit de rivier niet drinken konden; en er was bloed in het ganse Egypteland.

 

Terug naar begin

De dood van de twee getuigen en hun Opname.

Rev 11:7  En als zij hun getuigenis zullen geŽindigd hebben (3,5 jr /42 mnd.), zal het beest (de 1ste keer dat “het beest” genoemd in Openbaring. Dat vergt dus nadere uitleg…), dat uit den afgrond opkomt,(nu weten we iets meer. Het beest overdrachtelijk, komt uit de afgrond. Dat is ook overdrachtelijk. Verder in Openbaring wordt meer details gegeven over dit wezen.)

Rev 11:7  En als zij hun getuigenis zullen geŽindigd hebben, zal het beest, dat uit den afgrond opkomt, hun krijg aandoen, en het zal hen overwinnen, en zal hen doden.

Rev 11:8  En hun dode lichamen zullen liggen op de straat der grote stad, die geestelijk genoemd wordt Sodoma en Egypte,

Waar kwamen we ook al weer Sodoma ťn Egypte tegen? We hebben dat kort geleden behandeld bij de serie over het toekomstige werk van de geopenbaarde engelen.

Want Sodoma en Egypte worden beiden expliciet genoemd in de uiteenzetting van locaties die ten grondslag liggen aan oordeel van God over werken van engelen die eertijds hun eigen woonstede (Oiketerion) hadden verlaten en dus zijn geopenbaard. Zie Jud.1:5 Egypteland en Jud.1:7 Sodoma en Gomorra.

 

Rev 11:8  En hun dode lichamen zullen liggen op de straat der grote stad, die geestelijk genoemd wordt Sodoma en Egypte, alwaar ook onze Heere gekruist is.

Het bijzondere is dat Jeruzalem bewust niet genoemd wordt, maar slechts overmatig duidelijk beschreven wordt. In eerste instantie wordt deze verwijzing van Sodom en Egypte, let op “geestelijk”, dus overdrachtelijk of typologisch, als zijnde Jeruzalem, gelegd op het verleden. Maar het gaat niet om het toenmalige Jeruzalem, het gaat hier in deze profetie over een Jeruzalem waar een beest aanwezig is, geopenbaard is, die de 2 getuigen doodt. Dat Jeruzalem bestaat vandaag niet, omdat dat beest er ook niet is. En als we er dan een verwijzing krijgen naar Sodom in combinatie met Egypte, dan kom je uit bij Judas die spreekt over geopenbaarde zondige engelen. En zelfs een verwijzing naar Gen.13:10 waar gesproken wordt over Gods verdoemenis die nog niet was voltrokken.

 

Houdt dat vast als u zich nog eens zult afvragen waarom de Here Jeruzalem verwoest zal worden. Jeruzalem van na de Opname wordt geestelijk genoemd Sodoma en Egypte: Das niet best!!!

 

Rev 11:9  En de mensen uit de volken, en geslachten, en talen, en natiŽn, zullen hun dode lichamen zien drie dagen en een halven, en zullen niet toelaten, dat hun dode lichamen in graven gelegd worden.

Rev 11:10  En die op de aarde wonen,

Wacht… Hoezo “die op de aarde wonen”? Dat zijn mensen. We hebben het helemaal niet gehad over engelen die in de hemelen wonen, of Christus en de Gemeente. Waarom staat dat hier zo? Je zou over zoiets moeten struikelen, toch?

 die zullen verblijd zijn over hen, en zullen vreugde bedrijven, en zullen elkander geschenken zenden; omdat deze twee profeten degenen, die op de aarde wonen, gepijnigd hadden.

En dan staat het er weer! “…die op de aarde wonen”. In ieder geval wordt dit in verband gebracht met “omdat deze twee profeten… gepijnigd hadden.”

Het impliceert dat de twee getuigen dus niet op de aarde wonen, maar thuis horen in de hemel. Dat houden we even vast. En op een lager niveau zou ik zeggen, als hier Sodoma en Egypte genoemd worden en iets verder op “aardbewoners” worden genoemd, dan denk ik al heel erg snel terug aan de uiteenzettingen van broeders als Paulus en Judas en niet te vergeten onze Here Jezus Christus Zelf.

 

Rev 11:11  En na die drie dagen en een halven, is een geest des levens uit God in hen gegaan; en zij stonden op hun voeten; en er is grote vrees gevallen op degenen, die hen aanschouwden.

Rev 11:12  En zij hoorden een grote stem uit den hemel, die tot hen zeide: Komt herwaarts op. En zij voeren op naar den hemel (Ziet u. Ze horen dus thuis in de hemel!) in de wolk; en hun vijanden aanschouwden hen.

Rev 11:13  En in diezelfde ure geschiedde een grote aardbeving, en het tiende deel der stad is gevallen, en er zijn in de aardbeving gedood zeven duizend namen van mensen, en de overigen zijn zeer bevreesd geworden, en hebben den God des hemels heerlijkheid gegeven.

Het laatste vers impliceert dat er na deze gebeurtenis, de getuigenis van de twee getuigen resultaat heeft opgeleverd, namelijk dat er overigen waren, (en let op dat er niet staat alle overigen), die de God des hemels heerlijkheid (d.i. glorie), hebben gegeven.

 

Terug naar begin

Twee mannen typologie.

Na de Opname van de Gemeente zendt God Zijn twee getuigen, omdat bij de mond van twee of meer getuigen al het woord (be-)staat, en dus blijft staan, net als de meetstok in het eerste vers.

De twee getuigen zijn nodig, omdat de Gemeente die getuigt dat Jezus de Christus is, is weggenomen. De twee getuigen continueren het werk van de Gemeente en zijn zelf de uitbeelding van de Gemeente. In de Bijbel komen we de Gemeente typologisch dan ook een aantal keren tegen in de uitbeelding van twee mannen.

Zoals op de berg der verheerlijking. Dat is met Mozes en Elia nota bene, maar het is de voorafschaduwing van Christus en de Gemeente. Of zoals Kol.3 het formuleerde:

Col 3:4 Wanneer nu Christus zal geopenbaard zijn, Die ons leven is, dan zult ook gij met Hem geopenbaard worden in heerlijkheid.

 

Maar ook de twee mannen in witte kleding (Hand.1:10) op de Olijfberg, bij de hemelvaart van Jezus Christus, zijn de voorafschaduwing van de Gemeente en ook, op een ander niveau, van de twee getuigen.

Ook vinden we twee mannen in witte kleding bij het graf van de Here in Lukas 24:4. En wat te denken van de twee mannen, engelen, die in Sodom komen en Lot en zijn gezin wegrukken uit Sodom, voordat het oordeel over de stad komt. Dat is de uitbeelding van de Gemeente die het oordeel heeft ontvangen met Christus en bij de Wederkomst, als Christus Zijn voeten zet op de Olijfberg en er een vluchtroute uit Jeruzalem ontstaat, zij het gelovig overblijfsel, net als Lot, redt uit de stad voordat deze verwoest zal worden.

 

 

 

Maar er zal nog meer gebeuren in de eerste helft van de 70ste week. Daarover volgende keer meer.

Terug naar begin